Provincie gaat buiten zijn boekje

Het is niet aan de provincie om met de Belastingdienst in discussie te gaan om een aanslag omlaag te krijgen waardoor zij geen belastingschade hoeft te vergoeden aan een belastingplichtige. Dat is het oordeel van de Nationale Ombudsman.
Een huiseigenaar komt in 2009 met de provincie Groningen overeen dat hij zijn woning, vanwege de aanleg van een provinciale weg, aan de provincie zal verkopen. In de koopovereenkomst wordt afgesproken dat de eventuele belastingschade van de huiseigenaar zou worden vastgesteld door de belastinginspecteur. De inspecteur had in eerste instantie bepaald dat de belastingschade € 4.637 bedroeg, de door huiseigenaar te betalen aanslagen inkomstenbelasting 2009 en 2010, die hij ontving na de verkoop van zijn huis aan de provincie. De belastingschade was ontstaan in box 3 door het aanhouden van extra banktegoeden, ontstaan na verkoop van de eigenwoning.
De provincie was het niet eens met de door de inspecteur vastgestelde belastingschade en verzocht om het bedrag van de belastingschade opnieuw vast te stellen, waarna de inspecteur terugkwam op haar eerdere vaststelling en de belastingschade op nihil stelde. Volgens de provincie wordt de verschuiving van inkomen van box 1 naar box 3 bij onteigening niet als schade aangemerkt. Dit blijkt uit jurisprudentie en een besluit van de staatssecretaris.
De huiseigenaar klaagt bij de Nationale Ombudsman dat de provincie Groningen niet de belastingschade vergoedt, die hij leed na de verkoop van zijn huis aan de provincie.
Volgens de Nationale Ombudsman mocht de provincie als contractspartij haar visie hebben over de eerste beslissing van de inspecteur, maar had het de huiseigenaar moeten betrekken bij haar verzoek richting inspecteur. De provincie en huiseigenaar hadden dan gezamenlijk de inspecteur kunnen vragen om de situatie te bezien in het licht van de omschrijving van het begrip belastingschade in de koopovereenkomst. Door zich eenzijdig tot de belastinginspecteur te wenden zonder de huiseigenaar daarbij te betrekken heeft de provincie de huiseigenaar niet in staat gesteld zijn procedurele kansen te benutten. Daarmee heeft de provincie niet behoorlijk gehandeld.
Bron: Nationale Ombudsman 29-10-2014