Onvoldoende zakelijke overwegingen, geen fusievrijstelling

In geval van een fusie kan met een beroep op de fusievrijstelling bespaard worden op de overdrachtsbelasting. Voorwaarde is wel dat aan de fusie voldoende zakelijke overwegingen ten grondslag liggen.
Twee stichtingen in het hoger onderwijs fuseren. Beide stichtingen hadden voorafgaand aan de fusie een belang van respectievelijk 1/20 (verkrijgende stichting) en 19/20 (verdwijnende stichting) in een schoolgebouwen voor hoger onderwijs. De verkrijgende stichting voldoet de overdrachtsbelasting en verzoekt vervolgens om vrijstelling van overdrachtsbelasting op grond van de fusievrijstelling. Dit wordt afgewezen en de zaak wordt voorgelegd aan Rechtbank Gelderland.
De rechtbank overweegt dat op grond van het Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer de fusievrijstelling van toepassing is, mits de fusie hoofdzakelijk plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen. De stichting voert een aantal zakelijke overwegingen aan die ten grondslag hadden gelegen aan de fusie, maar de inspecteur bestrijdt dit: aan de overdracht van het pand kunnen dan wel zakelijke overwegingen ten grondslag liggen, maar waar het om gaat is of er voldoende zakelijke overwegingen zijn om de overdracht in de vorm van een fusie te laten plaatsvinden. In die redenering gaat de rechter mee. Het enige zakelijke argument om de overdracht in de vorm van een fusie te doen is, dat bij verkoop van het pand door de ene stichting aan de andere stichting de overdragende stichting zou blijven zitten met een restschuld. Volgens de rechtbank is dat onvoldoende zwaarwegend om te concluderen dat sprake is van in hoofdzaak zakelijke overwegingen.
Bron: Rb. Gelderland 17-09-2015