Motivering is van belang

Indien een rechtszoekende een laatste rechterlijke instantie vraagt om prejudiciële vragen voor te leggen aan het Europese Hof van Justitie, dient die rechterlijke instantie, indien niet aan dat verzoek wordt voldaan, te motiveren waarom niet op dat verzoek wordt ingegaan. Dit blijkt uit een arrest van het Europese Hof voor Rechten van de Mens (EHRM).
Een Tunesiër, die met zijn familie woonachtig en werkzaam is in Italië, vond dat hij recht had op de Italiaanse gezinsbijslag. De uitkerende instantie wees dit af, omdat de man niet beschikte over de Italiaanse nationaliteit zoals voor de uitkering was vereist. Zijn verzoeken om hierover prejudiciële vragen te stellen aan het Europese Hof werden zonder motivering afgewezen. Uiteindelijk heeft hij de zaak aanhangig gemaakt bij het EHRM.
Het EHRM was het eens met de klacht, dat er geen sprake was van een eerlijk proces. Als nationale rechters weigeren prejudiciële vragen voor te leggen aan het Europese Hof, dienen zij op basis van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met redenen omkleed aan te geven waarom zij de vragen niet voorleggen. Het kan zijn dat de vraag niet relevant is, dat de bepaling al in een vergelijkbare zaak is behandeld of dat het Europese recht in deze zo duidelijk is dat het niet nodig is om de vragen voor te leggen. Omdat het verzoek om prejudiciële vragen zonder motivering is afgewezen vindt het EHRM dat de man geen eerlijk proces heeft gehad.
Bron: EHRM 08-04-2014