Loonstijgingen vooral in industrie

Na gematigde loonstijgingen in het eerste kwartaal van dit jaar, is de in april afgesproken loonstijging 1,64%, beduidend hoger dan het gemiddelde van 1,41% voor alle in 2013 afgesproken cao’s. Dit blijkt uit de maandelijkse voortgangsrapportage van AWVN.
AWVN verklaart het hogere gemiddelde van april uit het relatief grote aantal industrie-cao’s dat werd afgesloten. In de industrie worden momenteel aanmerkelijk hogere loonafspraken gemaakt dan in de dienstensector. De meest gemaakte afspraken zijn de afgelopen maanden 2 %, gevolgd door 0 en 1,5%. De 2-procent-afspraken betreffen vrijwel allemaal industrie-cao’s. Het onderscheid industrie versus diensten valt ruwweg samen met het onderscheid oriëntatie op de exportmarkt versus oriëntatie op de binnenlandse markt. De binnenlandse markt heeft te maken met een bezuinigende overheid en sombere consumenten.
Met de hogere loonafspraken in april lijkt een einde te zijn gekomen aan de dalende trend van de afgelopen twee jaar. AWVN voorziet dat de komende maanden de loonafspraken binnen de bandbreedte van 1,5 tot 1,75 procent zullen passen.
Ook wat betreft de afspraken over duurzame inzetbaarheid ziet AWVN een trendbreuk. De afgelopen jaren maakten cao-partijen telkens meer afspraken hierover duurzame. Dit jaar is echter het aantal akkoorden met kwalitatieve afspraken over duurzame inzetbaarheid afgenomen. Het gaat daarbij om concrete afspraken rond onder meer scholing, oudere werknemers, werk- en stageplaatsen voor jongeren en vitaliteit van werknemers.
Bron: AWVN, 2-05-2013