Loonstijging in industrie, nullijn in dienstensector

De lonen stijgen de komende tijd vrijwel alleen in de industrie. Terwijl in de dienstensector momenteel vooral 0% -afspraken worden gemaakt, bedraagt de loonafspraak de industrie vaak 2%. Dit is een van de opvallende uitkomsten van de maandelijkse cao-voortgangsrapportage van werkgeversvereniging AWVN. Een andere uitkomst is een trendbreuk wat betreft de afspraken over duurzame inzetbaarheid. Het aantal akkoorden met kwalitatieve afspraken hierover neemt over de hele linie af.
De sterk verschillende loonontwikkeling tussen industrie en dienstensector komt volgens de AWVN ruwweg overeen met een oriëntatie op export (industrie) en op binnenlandse markten (diensten). Terwijl de Nederlandse export het relatief goed doet, heeft de binnenlandse afzet te kampen met tegenvallende consumentenbestedingen en een sterk bezuinigende overheid.
De gemiddelde loonstijging voor alle cao’s die in maart werden afgesloten bedraagt 1,36%. Dat is conform de midden 2011 ingezette trend van dalende loonafspraken. Voor alle in 2013 afgesloten cao’s is de gemiddelde stijging 1,32%.
Op dit moment zijn 216 cao’s bekend (ruim 1,9 miljoen werknemers) die na 2013 aflopen. Voor deze cao’s ligt de contractloonstijging in 2013 dus vast. Op basis van deze cao’s bedraagt de loonstijging in het jaar 2013 1,4%. Omdat in de 2013-akkoorden de gemiddelde loonstijging veel lager ligt dan in cao’s die vóór 2013 tot stand zijn gekomen, verwacht AWVN dat de loonstijging in 2013 uiteindelijk nog lager uit zal komen dan de genoemde 1,4%. Volgens AWVN zal deze loonstijging zeker lager zijn dan de CPB-raming van 1,75%.
De in 2013 afgesloten cao’s laten een trendbreuk zien wat betreft duurzame inzetbaarheid. De afgelopen jaren maakten cao-partijen telkens meer afspraken over duurzame inzetbaarheid dan het jaar ervoor. In de huidige recessie (de derde op rij) neemt voor het eerst in vijf jaar het aantal akkoorden met kwalitatieve afspraken over duurzame inzetbaarheid over de hele linie af. Het gaat daarbij om concrete afspraken rond onder meer scholing, oudere werknemers, werk- en stageplaatsen voor jongeren en vitaliteit van werknemers.
Bron: AWVN, 4-04-2013