Innoveren in de praktijk

De Nederlandse maakindustrie staat voor grote uitdagingen. Om de wereldwijde concurrentie het hoofd te bieden, zijn voortdurende innovatie en een structurele verhoging van productiviteit en flexibiliteit noodzakelijk. Bovendien moeten bedrijven in staat zijn om voldoende gekwalificeerd personeel aan zich te binden. TNO heeft in het boek ‘Snel en wendbaar in de Maakindustrie’ meer dan twintig cases verzameld van bedrijven die hun productieproces hebben geïnnoveerd om zo
beter toegerust te zijn voor de toekomst.
De maakindustrie heeft te maken met een marktvraag die minder voorspelbaar is. De ‘time-to-market’ wordt korter en producten hebben een steeds kortere levenscyclus. Productinnovaties volgen elkaar sneller op en moeten in één keer goed geproduceerd, met zo min mogelijk faalkosten, in eigen bedrijf en in de toeleverketen. Het gevolg is dat de productieketen zich steeds meer moet instellen op wisselende productievolumes, kortere levertijden, kleinere series en het produceren van klant specifieke varianten. Tegelijkertijd neemt het aandeel ‘oudere werknemers’ toe door ontgroening, vergrijzing en de trend naar langer doorwerken. En is bovendien de verwachting dat de omvang van de beroepsbevolking afneemt.
Volgens TNO is het antwoord op deze ontwikkeling dat ondernemingen snel en wendbaar moeten zijn en hun productieprocessen continu moeten innoveren. Maar ook een betere afstemming in de keten en het benutten en ontwikkelen van de competenties van medewerkers zijn belangrijk. Een twintigtal bedrijven uit de maakindustrie laat in het TNO-boek ‘Snel en wendbaar in de Maakindustrie’ zien dat dit mogelijk is. Ondernemers kunnen dit boek gratis bestellen via de website van TNO.
Bron: TNO 5-07-2013