In 2015 grootste stijging cao-lonen sinds 2012

De cao-lonen zijn in 2015 gestegen met 1,4%, de grootste toename sinds 2012. In 2014 gingen de cao-lonen nog met 0,9% omhoog. Vooral bij de overheid was de stijging aanzienlijk. Sinds de tweede helft van 2014 is de gemiddelde cao-loonstijging hoger dan de inflatie.
Naar bedrijfstak was de cao-loonstijging het hoogst in het onderwijs en in de bedrijfstak waterbedrijven & afvalbeheer: 2,6%. De geringste toename gold voor de werknemers in de energievoorziening (0,8%) en de financiële dienstverlening (0,7%). De contractuele loonkostenstijging (lonen en werkgeverspremies) ligt sinds begin 2015 onder die van de cao-lonen en komt in 2015 uit op 0,5%. Dit komt vooral door lagere premielasten voor onder meer pensioen en WW.
Vergeleken met de particuliere en de gesubsidieerde sector, waar de lonen met respectievelijk 1,3 en 1,1% toenamen, stegen de lonen bij de overheid sterker, namelijk 2,3%. In dit percentage zijn de loonafspraken voor 2015 verwerkt die voortvloeien uit het afgelopen zomer afgesloten centraal akkoord. De cao Politie, die nog niet definitief is, is buiten beschouwing gebleven.
Bij de overheid is sprake van een inhaaleffect. Over de laatste vijf jaar bedraagt de stijging van de cao-lonen bij de overheid 4,1%, terwijl de stijging van de cao-lonen bij zowel de particuliere als de gesubsidieerde sector rond de 6,5% lag. Binnen de overheid is er dan nog een verschil tussen de ambtenaren-cao’s die onder het centraal akkoord vallen (rijksambtenaren, onderwijzers, politiepersoneel, militairen en medewerkers van de rechterlijke macht) en die daarbuiten vallen (onder andere gemeenten en waterschappen). Bij de overheids-cao’s die buiten het centraal akkoord vallen, is de stijging in de afgelopen vijf jaar hoger geweest (5,7%), maar nog altijd lager dan de particuliere sector (6,5%). De cao’s die onder het centraal akkoord tot stand kwamen, kennen echter een nog lagere stijging: 3,3%.
Tot halverwege 2014 lag de cao-loonstijging onder de inflatie, maar sinds het derde kwartaal van 2014 erboven. In 2015 was de cao-loonstijging ruim tweemaal zo groot als de inflatie (0,6 %). Over de periode 2010-2014 daalden de reële lonen licht. De reële lonen zijn gecorrigeerd voor de inflatie. In de genoemde periode bleef de reële loonstijging achter bij de stijging van de arbeidsproductiviteit. Op basis van de eerste drie kwartalen laat 2015 voor het eerst weer een stijging zien van de reële lonen. De stijging (2,5%) houdt verband met het feit dat de cao-loonstijging sinds de tweede helft van 2014 boven de inflatie ligt.
Bron: CBS 7-01-2016