Hervormingsplannen ontslagrecht en WW naar Tweede Kamer

Op vrijdag 29 november 2013 heeft minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn plannen voor hervorming van het ontslagrecht en de WW naar de Tweede Kamer gestuurd. In het wetsvoorstel Werk en zekerheid zijn de maatregelen die in het sociaal akkoord met vakbonden en werkgevers zijn afgesproken uitgewerkt.
Met het wetsvoorstel wil het kabinet het ontslagrecht sneller, goedkoper en eerlijker maken, de rechtspositie van flexwerkers versterken en de WW meer richten op het snel weer aan het werk krijgen van ontslagen werknemers.
Het voorstel is om de ontslagvergoeding vanaf 1 juli 2015 te vervangen door een transitievergoeding. Men heeft recht op deze vergoeding bij ontslag na een arbeidsovereenkomst van ten minste twee jaar. De vergoeding kan gebruikt worden voor scholing en om over te stappen naar een andere baan of een ander beroep. De transitievergoeding wordt afhankelijk van de duur van een dienstverband (tot tien jaar dienstverband een derde maandsalaris per dienstjaar, boven tien jaar half maandsalaris per dienstjaar) en is gemaximeerd op € 75.000 of een jaarsalaris bij een inkomen boven € 75.000.
De keuzevrijheid voor de ontslagroute verdwijnt. Er komt een vast voorgeschreven route: ontslag om bedrijfseconomische reden via het UWV; ontslag om persoonlijke redenen via de kantonrechter. Ook zullen de procedures sneller verlopen. In alle gevallen krijgt de werknemer recht op een wettelijke transitievergoeding. De wettelijke bescherming tegen willekeur bij ontslag blijft behouden door een preventieve toetsing.
De maximale duur van de publiek betaalde WW wordt van 1 januari 2016 tot 2019 stapje voor stapje teruggebracht van 38 naar 24 maanden. Werkgevers en werknemers kunnen in de cao wel afspraken maken om de WW-uitkeringen na 24 maanden – tot 38 maanden – uit eigen zak te betalen.
Om de positie van flexwerkers te verbeteren kunnen ze straks eerder aanspraak maken op een vast contract. Niet na drie jaar, zoals nu, maar al na twee jaar. Ook wordt oneigenlijk gebruik van flexibele arbeidsvormen aangepakt. Zo komt er een betere ontslagbescherming voor werknemers die via payrolling werken en wordt het langdurig gebruik van 0-urencontracten aan banden gelegd en in de zorg helemaal verboden.
Volgens het Centraal Plan Bureau zal de arbeidsmobiliteit van ouderen toenemen door de daling van de gemiddelde ontslagkosten; de vergoedingen bij ontslag worden per saldo lager. Gemiddeld blijft de ontslagbescherming volgens het CPB voor vaste contracten gelijk en neemt de bescherming voor flexibele contracten toe. Het CPB verwacht dat de maatregelen 20.000 nieuwe voltijdbanen opleveren als gevolg van een meer activerende WW.
Bron: Min SZW 29-11-2013