Hardere aanpak schijnconstructies en uitbuiting

Werkgevers die werknemers inzetten via een schijnconstructie om bijvoorbeeld minder loon, belasting of lagere premies te hoeven betalen, kunnen aangescherpte regels en extra handhaving tegemoet zien. Dit heeft het minister Asscher van Sociale Zaken en Wekgelegenheid na het sociaal akkoord van 11 april bekend gemaakt.
De Inspectie SZW zal voor de aanpak van schijnconstructies maximaal 35 extra inspecteurs inzetten. Men zal zich onder ander richten op constructies waarbij het minimumloon vooral als onbelaste kostenvergoeding wordt uitbetaald. Daarnaast wil het kabinet dat alle betrokken opdrachtgevers, dus niet alleen de directe werkgever, aansprakelijk worden voor het betalen van het cao-loon. Ook zet de Sociale Verzekeringsbank meer mensen in om fraude met betaling van premies in het buitenland, via bijvoorbeeld postbusondernemingen, aan te pakken. Verder zal de Inspectie SZW, met een apart cao-team, sociale partners ondersteunen bij de handhaving van cao’s en zal de minister afspraken maken met Polen, Roemenië en Bulgarije om de bestaande samenwerking te versterken. De minister vraagt over het verbeteren van de cao-naleving en -handhaving voor de zomer een advies aan de Stichting van de Arbeid. Tevens wil het kabinet het makkelijker maken voor schijnzelfstandigen om naar de rechter te stappen om zo een dienstverband af te dwingen.
Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft in een brief van 12 april aan de Tweede Kamer een groot aantal maatregelen beschreven die erop gericht zijn werkgevers die de randen van de wet opzoeken of daar overheen gaan aan te pakken. Volgens de minister moet voor gelijk werk gelijke arbeidsvoorwaarden gaan gelden. Zowel voor werknemers uit Nederland als voor werknemers uit het buitenland. Met het actieplan wil de minister de strijd aanbinden tegen oneerlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden, verdringing van werknemers, onderbetaling en uitbuiting. Dit actieplan was een van de wensen van de sociale partners in het overleg met het kabinet na het sociaal overleg van 11 april 2013.
Bron: Min SZW, 12-04-2013