Fiscaal stimuleren afkoop bovenwettelijke vakantiedagen onwenselijk

In antwoord op Kamervragen van de Kamerleden Hamer en Groot geeft minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan dat hij het fiscaal stimuleren van de afkoop van (bovenwettelijke) vakantiedagen onwenselijk vindt. Ook zou het economisch effect doordat werknemers meer kunnen besteden beperkt zijn.
Werkgeversvereniging AWVN heeft berekend dat het vakantiestuwmeer dit jaar is opgelopen tot € 16 miljard (gemiddeld 16 dagen per werknemer). AWVN bepleit onder meer vergroting van de mogelijkheden voor werkgevers om werknemers collectief vrije dagen te laten opnemen. Dit zou in het arbeidsvoorwaardenoverleg moeten worden afgesproken.
Vakbond CNV Vakmensen opperde de mogelijkheid om de afkoop van vakantiedagen fiscaal te stimuleren door ze te belasten tegen een lager tarief. Het verlofstuwmeer zou dan afnemen, terwijl de economie wordt gestimuleerd doordat werknemers over meer middelen beschikken.
Minister Asscher laat de Kamer weten dat het kabinet het fiscaal stimuleren van afkoop van vakantiedagen onwenselijk acht. Afkoop tegen een tijdelijk lager tarief zou in de eerste plaats leiden tot een ongelijke behandeling tussen werknemers die wèl de beschikking hebben over een aantal af te kopen dagen en werknemers die dat niet hebben. Voorts leidt een dergelijke maatregel tot budgettaire derving voor de Staat, omdat de dagen die een werknemer ook zonder fiscale stimulans zou hebben afgekocht tegen een lager tarief worden belast. Daar tegenover staat dat afkoop leidt tot verhoogde inkomsten voor de Staat ten opzichte van dagen die zonder fiscale stimulans niet worden afgekocht. Onduidelijk is echter hoe deze effecten zich tot elkaar verhouden. Daarnaast zou de voorgestelde fiscale constructie (afkoop vakantiedagen tegen een lager tarief) de deur openzetten naar tariefsarbitrage. Een werknemer kan immers afstand doen van een deel van het salaris inruilen voor een hoger aantal vakantiedagen om vervolgens deze vakantiedagen tegen een veel lager belastingtarief af te kopen.
Overigens wijst Asscher erop dat de afkoop van vakantiedagen alleen betrekking heeft op de bovenwettelijke vakantiedagen.
Het economisch effect van de voorgestelde maatregel zal volgens het kabinet beperkt zijn. Slechts een minderheid van de niet-opgenomen vakantiedagen komt daadwerkelijk in aanmerking voor verzilvering en de financiële middelen die dat oplevert hoeven niet te leiden tot extra bestedingen, maar kunnen ook ingezet worden om extra te sparen of schulden af te lossen. Daarnaast is het onzeker of de werkgevers in de huidige omstandigheden middelen beschikbaar willen of kunnen stellen om vakantiedagen in geld uit te keren.
Bron: Min SZW 23-08-2013, nr. 2013-0000116174