Bouwvakkers langer aan het werk

Om ook bouwvakkers tot hun 67ste jaar aan het werk te houden, moeten niet alleen gekeken worden naar de lichamelijke belasting, maar ook naar het verbeteren van de psychosociale arbeidsomstandigheden op de bouwplaats. Dat stelt Karen Oude Hengel, werkzaam bij TNO en VUmc, in haar proefschrift ‘Sustainable employability of Construction Workers’.
Zij onderzocht de duurzame inzetbaarheid van bouwvakkers. De vergrijzing en stijgende pensioenkosten maken langer doorwerken van de beroepsbevolking noodzakelijk. Werknemers in de bouw verlaten echter nog altijd vroegtijdig de arbeidsmarkt: in 2012 was de gemiddelde pensioenleeftijd 62,5 jaar.
Tot nu toe wordt vooral gekeken naar het verminderen van de lichamelijke werkbelasting van bouwvakkers. Het proefschrift laat echter zien dat ook psychosociale arbeidsomstandigheden een belemmering zijn voor de motivatie en de bereidheid van bouwvakkers om te blijven werken tot 65 jaar. Uit haar onderzoek blijkt dat werknemers die weinig taakvariatie en weinig sociale steun van hun leidinggevende ervaren, vaker het werk niet kunnen en willen volhouden tot 65 jaar.
Gebaseerd op deze resultaten ontwikkelde Oude Hengel een programma dat handvatten en praktische begeleiding bood aan werknemers in de bouw om gezond en productief aan het werk te blijven. In het programma gingen de bouwvakkers zelf aan de slag met het verbeteren van hun lichamelijke werkbelasting, het verminderen van de vermoeidheid door alternatieve pauzeschema’s en aan betere communicatie op de bouwplaats. Hoewel de interventie geen verbetering liet zien in gezondheid of het werkvermogen, was door een daling in het ziekteverzuim de interventie toch kostenbesparend voor de werkgevers: iedere geïnvesteerde euro leverde de werkgever uiteindelijk 6,40 euro op.
Bron: TNO, 5-03-2013