Bij uitbesteding deel werkzaamheden kan WBSO van toepassing zijn

De ontwikkeling van technisch nieuwe programmatuur valt onder reikwijdte WBSO. Maar wat als nu een onderdeel van die werkzaamheden, het programmeerwerk zelf, wordt uitbesteed. Is dan nog de WBSO van toepassing? Worden bij het programmeren de technische knelpunten opgelost en nieuwe programmatuur ontwikkeld, of is dat in de fasen daarvoor en is programmeren niet meer dan het uitvoeren van een eerdere fasen ontwikkeld ontwerp. Het College van Beroep voor het Bedrijfsleven komt tot het oordeel dat bij ‘hedendaagse softwareontwikkeling’ het maken van het ontwerp en het gebruik ervan in de test- en acceptatiefase het meest wezenlijke en technische deel vormt.
NS Groep en NS Reizigers hebben in 2011 en 2012 aanvragen voor het jaar 2012 voor de WBSO en RDA ingediend voor twee projecten. Beide projecten betreffen de ontwikkeling van programmatuur, waarbij het programmeerwerk zelf wordt uitbesteed. Het gehele voortraject, bestaande uit het ontwerp van het programma en alle relevante werkzaamheden die hiermee gepaard gaan, wordt door NS zelf verricht. Juist omdat het programmeerwerk wordt uitbesteed, zoals ook bij een controle blijkt, heeft de inspecteur de aanvragen in 2012 afgewezen.
Tegenover het College van Beroep stelt het ministerie van Economische Zaken dat projecten in aanmerking komen voor de WBSO en RDA indien sprake is van technisch nieuwe programmatuur, waarbij laatstgenoemde zo dient te worden uitgelegd dat sprake dient te zijn van het oplossen van knelpunten bij het omzetten van het ontwerp van een systeem naar de feitelijke programmatuur. Door de uitbesteding van die omzetting aan derden, wordt volgens de minister niet voldaan aan deze voorwaarde. Naar het oordeel van het College wordt de maatstaf, zoals gehanteerd door Economische Zaken, echter te beperkt uitgelegd. Ook in de fase voorafgaand aan het daadwerkelijk programmeren (derhalve coderen) kan, zoals NS ook aangeeft, sprake zijn van het oplossen van technische knelpunten met betrekking tot de ontwikkeling van technisch nieuwe programmatuur. Een programmeur kan dan op basis van een gedetailleerd ontwerp een stuk software bouwen, zonder daarbij technische knelpunten op te lossen. Bij softwareontwikkeling heeft in de loop van de tijd een ontwikkeling plaatsgevonden van ‘ouderwets programmeren’ naar de ‘hedendaagse softwareontwikkeling’. Het maken van het ontwerp en het gebruik ervan in de test- en acceptatiefase vormt daarbij het meest wezenlijke en technische deel.
Het College van Beroep concludeert dat de besluiten waarmee de aanvragen WBSO en RDA zijn afgewezen een deugdelijke motivering missen. De besluiten kunnen niet in stand blijven. De minister van Economische Zaken zal opnieuw op de bezwaren en aanvragen van belanghebbende moeten beslissen.
Bron: CBb 10-07-2014