Alsnog investeringsaftrek toepassen

Financiën heeft het besluit investeringsaftrek geactualiseerd. In het besluit zijn een aantal nieuwe versoepelingen opgenomen inzake gevallen waarin niet tijdig is gekozen voor investeringsaftrek, milieuvriendelijke voertuigen, bedrijfsmiddelen die nog niet op de energie- of milieulijst staan en de vervanging van asbesthoudende daken. Verder zijn enkele verduidelijkingen en redactionele verbeteringen aangebracht.
Het komt voor dat aan alle voorwaarden voor de toepassing van de kleinschaligheids- (KIA), energie- (EIA) of milieu-investeringsaftrek (MIA) wordt voldaan, maar dat is verzuimd een keuze daarvoor te maken bij de aangifte. Voor dit keuzeverzuim was al een versoepeling opgenomen voor de EIA en de MIA. Deze wordt nu vereenvoudigd en uitgebreid met de KIA (onderdeel 7.1). Dit betekent dat de belastingplichtige, die heeft verzuimd voor investeringsaftrek te kiezen bij de aangifte, daardoor de inspecteur alsnog kan verzoeken om ambtshalve vermindering. Dat betekent dat binnen vijf jaren alsnog een verzoek om KIA, EIA of MIA kan worden gedaan. Daarbij geldt dat de termijn aanvangt na het einde van het jaar waarin de investeringsaftrek in aanmerking had kunnen worden genomen, ook al vond de investering in een eerder jaar plaats. Het verzoek om ambtshalve vermindering kan ook het verzoek omvatten om onder de investering te begrijpen de kosten van een energie-advies of van een milieu-advies.
De staatssecretaris wijst er op dat de bewijslast – en onder omstandigheden de zogenoemde verzwaarde bewijslast – dat recht bestaat op investeringsaftrek op de belastingplichtige rust. Uiteraard moet ook aan de overige (wettelijke) voorwaarden worden voldaan, zoals bijvoorbeeld het tijdig melden (EIA, MIA) of het betalingscriterium.
Als het bedrijfsmiddel intussen is vervreemd, bestaat per saldo slechts recht op een ambtshalve vermindering gelijk aan het verschil tussen de investeringsaftrek en de desinvesteringsbijtelling. Vanuit doelmatigheidsoverwegingen ligt het in dergelijke gevallen voor de hand dat dit saldo in één jaar in mindering wordt gebracht. De goedkeuring ziet op alle gevallen waarin op de dagtekening van dit besluit de termijn voor ambtshalve vermindering nog niet is verstreken.
Voor gevallen waarin een verzoek om ambtshalve vermindering in verband met de KIA nog tijdig zou zijn als deze was gedaan op de dagtekening van dit besluit, geldt dat de termijn voor het doen van het verzoek eenmalig wordt verlengd met drie maanden, te rekenen vanaf de dagtekening van dit besluit.
Bij milieuvriendelijke voertuigen die op de milieulijst staan, mag voor de vraag of sprake is van een niet eerder gebruikt bedrijfsmiddel, worden aangesloten bij de omzetbelasting (onderdeel 2.3). Dat betekent dat het voertuig binnen zes maanden na eerste ingebruikneming moet zijn geleverd of dat er ten hoogste 6.000 kilometer mee is gereden.
Als sprake is van de ontwikkeling van een bedrijfsmiddel binnen het eigen bedrijf dat, op het moment dat de ondernemer er in heeft geïnvesteerd, niet, maar later wel op de energie- of milieulijst is opgenomen, kan een verzoek om een goedkeuring dat het bedrijfsmiddel in aanmerking komt voor investeringsaftrek worden gedaan. Een dergelijk verzoek moet worden gedaan binnen dezelfde termijn die geldt voor ambtshalve vermindering en wordt gericht aan Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen/Cluster Vpb-IBwinst, Postbus 20201, 2500 EE Den Haag. (onderdeel 2.4).
De vervanging van asbesthoudende daken mag met ingang van 1 januari 2014 onder voorwaarden geheel als investering worden beschouwd (onderdeel 4.5). Het gaat daarbij om de vervanging van asbesthoudende daken, dakgoten of gevels (milieulijst 2014 nummers F6390, C6400). Er hoeft dus geen onderscheid te worden gemaakt tussen onderhoud en verbetering. De totale uitgave mag als investering worden aangemerkt. Dat betekent dat niet alleen MIA kan worden verkregen maar – als aan de voorwaarden daarvoor wordt voldaan – ook KIA. Voorwaarde is dat de belastingplichtige die gebruik maakt van de goedkeuring ook in zijn winstbepaling rekening moet houden met het feit dat de dakvervanging is aangemerkt als investering. De onderhoudscomponent mag dus niet ineens als kosten in mindering worden gebracht bij het bepalen van de winst, maar moet ook als investering worden behandeld. Op investeringen wordt afgeschreven, mogelijk kan de belastingplichtige gebruik maken van de Vamil.